Aanloop naar het feest der feesten (8)

16 maart 2018 - Castricum, Nederland

Dat voetbal de ziel van Rio de Janeiro vormt, is geen overdrijving. Voetbalclub Botafogo - letterlijk ‘hij die het vuur ontsteekt’ - gaat er prat op de grootste leverancier van Braziliaanse internationals voor de WK’s te zijn. In het stadion aan General Severiano Street ontwikkelt Garrincha zijn talenten. De baldribbelaar verovert de wereld in de kleuren van Botafogo, waarmee hij in 1962 landskampioen wordt. Als superster wordt hij een van de grootste namen. Hij laat eerst dokters versteld staan, die voetballen met zulke kromme benen onmogelijk achten. Zijn rechterbeen buigt naar binnen, zijn linker naar buiten en is bovendien zes centimeter korter. Vervolgens dolt hij er vleugelverdedigers mee, die zijn schijnbewegingen niet kunnen volgen. Wat de ‘Anjo de Pernas Tortas’ (engel met kromme benen) aan kunstjes met de bal laat zien, is ongeëvenaard. Hij wordt twee keer wereldkampioen en de grote ster van WK 1962, mede omdat de geblesseerde Pelé in dit toernooi ontbreekt. Met vrouwen weet hij ook raad. Hij huwt drie keer en krijgt dertien kinderen, waarvan een in Zweden, verwekt in 1959 tijdens een tour door Europa met Botafogo. De strijd die Garrincha niet weet te winnen, is die tegen zijn alcoholgebruik. In 1983 komt hij - zonder enige glamour - op 49-jarige leeftijd door levercirrose aan zijn einde.

Ik sta voor het heiligdom der heiligdommen: Stadion Maracaña. Ook hier staat, zoals in vele stadions, op het voorplein een standbeeld. Maracaña is afgeleid van Mário Filho, groot sportjournalist uit de jaren 1940. Hij is degene die aan Garrincha de erenaam ‘Gandhi of football’ geeft. In de klassieker Botafogo tegen Fluminense gebeurt namelijk iets bijzonders. Garrincha draait zijn tegenstander - Pinheiro - weer eens dol. Als de verdediger zich blesseert, bedenkt Garrincha zich geen moment. De dribbelaar trapt de bal buiten de lijnen, zodat zijn opponent kan worden verzorgd. In die tijd een onbekend gebaar, dat bij iedereen de gevoelige snaar van sportiviteit raakt, zo ook die van sportjournalist Filho. Het verhaal wordt nog mooier als Altair, speler van Fluminense, de bal inwerpt naar tegenstander Botafogo. Die daden zijn de geboorte van ‘fair-play’.

De bouw van het machtige stadion in Rio de Janeiro begint in 1948 en eindigt in 1950. Teams uit Rio en São Paulo spelen de openingswedstrijd. Didi is de eerste die scoort, de middenvelder die acht jaar later wereldkampioen wordt met zijn land. De São Paulo-ploeg wint uiteindelijk met 3-1. De voetbaltempel staat als monument klaar voor WK 1950, om het eerdere verlies met 2-1 van de wereldtitel tegen Uruguay dit keer in de finale te wreken.

Waar Maracaña jarenlang als het grootste stadion ter wereld wordt gezien, is de capaciteit inmiddels beduidend teruggebracht, door verbouwingen en uit veiligheidsoverwegingen. Schattingen - geen officiële cijfers dus - over het aantal kijkers bij de WK-finale van 1950 wijzen op tweehonderdduizend aanwezige voetbalfans of meer. Tegenwoordig kunnen zo’n tachtigduizend bezoekers een plaatsje in het stadion vinden.

Maracaña wordt voor altijd met de geschiedenis van het Braziliaanse voetbal verweven. Het stadion is gastheer bij Pelé’s duizendste doelpunt en biedt plaats aan wedstrijden op topniveau, zoals Pan American Games, Copa América, Confederation Cup en WK-finales, bijvoorbeeld die van 2014. Bij dit stadion voel ik weer dat kleine jongetje in mij aanwezig dat zijn grote voorbeeld Pelé nog altijd voor ogen heeft. De opvallendste van alle sterren die Brazilië in 1958 op het Zweedse gras laat schitteren. De jongen van zeventien met het spelinzicht van een routinier en met een formidabele techniek en slagvaardigheid.

Pelé is een van de groten met een vaste plek in de herinnering van een paar honderd miljoen Europeanen. Zij zien hem voor de buis Brazilië met zijn zoveelste doelpunt tot onaantastbare wereldkampioen maken. Zij zien dat hij na afloop huilend op de grasmat blijft liggen. Ik zie het nog voor me, dat hij zich huilend aan de borst van zijn grote vriend, doelman Gilmar, werpt. In een vloed van tranen, want hij is de kleine Pelé uit Bauru. Hij is in de realiteit van dat moment voorgegaan. Hij is met zijn kornuiten geworden wat hij aan de beschermheilige van alle Braziliaanse kleurlingen - ‘Onze Lieve Vrouwe van Aparecido’ - niet heeft durven vragen. Wéreldkampioen! Terwijl op dat zelfde moment in het verre Brazilië zijn moeder het kerkje verlaat, waar zij uren voor hem heeft gebeden. Voor haar Pelé … “dat-ie maar dezelfde mag blijven …”.

(wordt vervolgd, onderweg naar oktober 2018)

1 Reactie

  1. Marijke:
    16 maart 2018
    Niet alleen een clubblad schrijf je vol, het is intussen een dik boekwerk aan het worden...wat een anekdotes diep je op! Het voetbalminnend volk smult...