(174) SAM69+, over windmolens en luchtfietsers

8 juni 2015 - Egmond Aan Zee, Nederland

Maandag 8 juni 2015

Schol of sardines

Thuis tevreden uitrustend bij een ‘bakkie leut’ schept vreugde in het leven. Op de zonnige zondagochtend vroegtijdig naar Egmond aan Zee – zonder fileproblemen – is alsof het echt vakantie is. Begin juni is de noordwestenwind nog fris. Wij combineren wandeling en fietstocht in pakketvorm: half uurtje trappen naar strandopgang Egmond-Binnen, half uurtje noordwaarts langs strand banjeren naar boulevard Egmond aan Zee, half uurtje in zonnetje uit de wind op ‘Zilte Zoen’-terras aan de koffie. Om vervolgens in omgekeerde richting vóór de wind het volgende uurtje in tweeën te delen. En thuis opnieuw een koffie’tje te nuttigen.

Ik kom graag in Egmond aan Zee, waar ik in de jaren 1950 menige vakantie aan het strand doorbreng. Nu ik vlakbij woon, fiets ik er ‘s zomers met grote regelmaat heen om op het uitkijkpunt van uitzicht over strand en zee te genieten. Staren naar struinende en sjouwende sjokkers die hun best doen om een mooi plekkie te veroveren. Afgelopen vrijdag sta ik daar ook, in het zadel, balustrade langs houten plateau vasthoudend. Een oudere baas komt met zijn vrouw-in-rolstoel naast mij staan. Het duo snuift het beeld in zich op, het is behoorlijk heiig.

Wanneer de man mij aankijkt, kan ik het niet nalaten. “Goh”, zeg ik, “kom ik helemaal hierheen gefietst om de windmolens op zee te zien, hebben ze die weggehaald”.

Hij kijkt me nu met vraagtekens aan en richt dan zijn ogen op de troebele einder. “Nee, hoor, ze moeten er nog staan. Dáár ergens”. Hij wijst in zuidwestelijke richting, zonder de objecten in zijn vizier te vangen.

Het echtpaar komt uit Alkmaar, geen Amsterdammers dus. Als de man dat vertelt, verklaar ik hem dat ik maar een grapje maakte. “Met een paar jaar staat de hele horizon vol met windmolenparken”, voorspel ik. “En de toeristen, zeker Duitsers, blijven heus komen”, voeg ik zelfverzekerd vol energie toe. Alsof ik verstand van zaken heb en over aandelen beschik.

“Dat maken wij vermoedelijk niet meer mee”, verwoordt het paar zijn gedachten. Het blijken dikke tachtigers te zijn, die net als ik graag even het boulevardpanorama in ogenschouw nemen.

Zaterdag is het veel helderder. Je kunt bijna tot Den Helder kijken, in ieder geval fonkelen de windmolens in het zonlicht. Ik draai opnieuw mijn vaste rondje Egmond onder de wielen door, goede aanleiding om Erna een dag later - voornoemde zondagochtend - tot ons uitstapje te verleiden. Heerlijk uitwaaien. Vol bewondering naar de luchtfietser turen, die hangend aan zijn matras boven de duinen zeilt. Hij zoekt naarstig naar voldoende thermiek voor een luchttocht. Even verder begluren we het emmertje van zeevissers.

“Wat hebben ze gevangen?”, vraagt Erna.

“Flinke schol en een soort, die ik niet ken”, antwoordt mijn visserslatijn.

“Zeebaars”, bast de visser tevreden.

“Vanavond dus lekker dineren”, lach ik hem toe.

“Dat doe ik iedere avond wel!”, luidt zijn repliek.

Terug van het tochtje Egmond vraag ik Erna: “Wat wil jij vanavond eten?”.

Ze bestelt sardientjes. Dan corrigeert ze: “Sorry, slip of the tong”.

 

1 Reactie

  1. Marijke:
    8 juni 2015
    Heerlijk genoeglijk relaas over het ook door mij zo geliefde vissersdorp. Dit op maandagmorgen vroeg lezende beduidt een opstekertjesdagbegin. Zonder sardientjes, dat wel---