(97) SAM69+, over zijn Gooise jongensjaren (2)

23 maart 2015 - Huizen, Nederland

Maandag 23 maart

Europa Cup en Europa Camping

Mijn goeie, ouwe jongenstijd in het Gooi. Bertel is mijn Hilversumse vriend, bij wie ik vaak thuis kom. Kaarten – Canasta – om koperen centjes, bij mij thuis strikt verboden. Het is spannend gezellig in huize Staringlaan 30, zelfs als hun favoriet Feijenoord de ‘Cup met de grote oren’ wint. Dat nooit meer, mijn eerste gedachte. Dat gaat Amsterdammers veel vaker gebeuren, mijn tweede. Beide invallen komen drie aansluitende seizoenen daarna direct uit.

Regelmatig helpen Bertel en ik woensdagsnamiddags voor wat stuivers en duppies kooplui op de markt met opruimen. Onze verste uit-de-buurt-reis leidt ‘Over het Spoor’ naar Anna’s Hoeve, waar vrijende paartjes achter bosjes paren. Puberende playboys op studiereis. Met Bertel eropuit op onze bromfietsen levert andere spanning. Naar Bertels oudere zus Lia in Amersfoort, waar zij met Amerikaans piloot Bert van vliegbasis Soesterberg samenwoont. Zij verblijden ons met vorstelijke voedselvoorraad. Wij gaan namelijk met ons tweetjes op bepakte en bezakte JLO-bromtweewielers kamperen in Limburg. Nog nooit aardappeltje of eitje gekookt. Het verblijf in tentje op de Europa Camping bovenop de Cauberg is kort van duur. Met hangende pootjes brommen we naar moeders pappot.

Mijn ouders verruilen de kapitale winkelvilla in Hilversums schrijversbuurt voor eenvoudiger woongenot. We verkassen naar Huizen, dorpje met zwaar christelijke inslag. ‘Taatjes’ en ‘nennetjes’ gluren zondags na kerkgang van achter hun gordijntjes naar buiten, fles jenever op tafel. Onze stek heet Voorbaan 4, naast de winkel van de Zaanse grootgrutter, waar mijn vader diens brood verkoopt en het zijne verdient. Ik fiets (en brom later) dagelijks tien kilometer heen en tien kilometer terug. Over de hei langs Tafelberg en legerplaats Crailo naar mijn gemeentelijke HBS uit 1903 aan de Jonkerweg, op de hoek met Schuttersweg in mijn voorafgaande woonplaats. Eenmaal gaat het fietsend mis. Ik bots op een tegenligger en loop de enige botbreuk in mijn leven tot nu toe op. Kaak, raak.

Het Huizer Raadhuisplein, waar AH mijn vader een nieuw te bouwen supermart belooft, is mijn ‘betondorp’-speelplein. À la Amsterdamse Jopie schaaf ik mijn techniek bij met onder meer bakkerszoontjes Rikkert en André, met Robbie Schipper van de gelijknamige radiozaak en met schoenlapperszoon Siewert Baas, die meestal als doelpaal meedoet. Buurjongen Jan Rebel houdt zich afzijdig, op de bank in de woninginrichtingszaak van zijn vader. Wat wij ook frequent doen, is ‘diefje met verlos’ of ‘indiaantje’ in en rond de bosschages om zwembad Sijsjesberg. Ik zie nog altijd de op zondagen gesloten zwemingang, terwijl de brandende zomerzon hoog aan de hemel straalt. We klimmen wel eens stiekem over het hek, maar het lef om illegaal in het diepe te duiken ontbreekt. Als tieners in je blote piemel kopje ondergaan zou tot een echte Huizer revolutie hebben geleid.

Het voormalige vissersdorp is nooit uit beeld geraakt. Incidenteel komen wij er om vriendin B. te bezoeken. Wat een halve eeuw afwezigheid al niet met een dorp van oorspronkelijk plaggenhutten doet. Stenen nieuwbouw breidt uitgebreid uit en maakt het van 1382 stammende Huussem tot huidig Huizen, snelst gegroeide stad in het Gooi.

(NB. Taatje = inwoner, Nennetje = inwoonster)
 

 

2 Reacties

  1. Marijke:
    23 maart 2015
    Ahh! Jouw jeugdsituaties--- inclusief die toentertijd bebouwing voor taatjes en nennetjes en al wat dorpsinrichting op archtitectonisch gebied verder nog inhoudt---zijn het puur waard om opgeroepen te worden, niet in de vergetelheid te raken.
    Wordt vervolgd???
  2. Reggy:
    23 maart 2015
    Wist niet dat Bertel nog een oudere zus had en ook niet dat jij in Huizen woonde.In mijn herinnering heb je altijd bij de Heigalerij gewoond.


    .