Korte terugblik op attractief Andalusië

17 januari 2018 - Castricum, Nederland

Ons uitstapje naar koningsstad Marrakech op de stoep lijkt betoverend Andalusië onder te sneeuwen. Sevilla zie ik nog vers voor ogen, waar we deze grote stad aan de Guadalquivir eerder vereerden. Aan onze vervolgtour - Còrdoba (Mezquita), Granada (Alhambra), Almuñécar, Torremolinos (dagje Gibraltar, dagje Malaga) - houden wij aangename herinneringen over. Word je een dagje, of - zoals ik rond deze tijd - een jaartje ouder, ontdek je dat het geheugen niet scherper wordt. Luxueuze hotels, waar wij nachtelijke (on)rust beleven, haal ik door elkaar. Thuis in eigen bed spoken voorgekookte meerkeuze-maaltijden - van ontbijt tot avondeten - door mijn hoofd.

Honderd vijftig kilometer voorbij Sevilla brengen wij enige tijd door in Erna’s vurigste wens na Ronda: monumentale moskee-kathedraal ‘Mezquita’. We leggen tien euro per persoon neer om naar binnen te mogen, tegelijk met honderden andere bewonderaars. Legio roodwitte bogen bieden voldoende ruimte om uren rond te neuzen, zonder tegen een van de 853 zuilen aan te lopen. Voor twee eurootjes p.p. bestijgen we ook de belendende Torre, wat weinigen doen. De ‘Bell Tower’ - 191 traptreden, 54 meter hoog - heeft geen lift, het panorama vergoedt alles.

Aan onze door weer en wind geteisterde Noordzeekust verlang ik terug naar de Costa del Sol. Twintig graden hogere temperatuur en stralend blauwe luchten. Die geneugten ondergaan we binnenkort in Marokko opnieuw. Weer in zulke luxe hotels? Hotel Ayre in Córdoba (herinnering aan vervelende kamer-overstap), Hotel Allegro in Granada (half uurtje lopen naar Alhambra), Hotel Bahia Tropical (in onbekend Almuñécar) en Hotel Don Pablo in Torremolinos (aan Paseo Maritimo, Playa del Bajondillo), laatste onderkomen ondanks grootschaligheid bijzonder fraai, alles erop en eraan. Leidt buurman Hotel Don Pedro in reconstructie ooit tot nog groter comfort?

‘Don Pedro a la casa’ realiseert zich weer dat de bijzondere wijn, waar hij eens flink van slurpte, uit Andalusië komt. Bijzonder door de manier waarop de drank wordt geproduceerd, én door de grote verschillen in smaak. Goede sherry met delicaat aroma en aparte smaak vormt een aperitief, dat altijd perfect op z’n plaats is. Een wijn met beschermde status: hij mag alleen uit het zuidelijkste deel van Spaans Andalusië komen. Dit sherrygebied wordt officieel aangeduid met ‘DO Xérès Sherry y Manzanilla’. Een voorloper van de huidige sherry uit Jerez de la Frontera werd als wijn al in het jaar 31 na Christus naar Rome geëxporteerd.

In eeuwenoude vestingstad Jerez groeit op de heuvels rondom de palominodruif. In wijnhuizen (bodega’s) liggen de sherry’s jarenlang in eikenhouten vaten van honderden liters te rijpen om zich tot uitgebalanceerde wijnen van hoge kwaliteit te ontwikkelen. Indertijd gaf ik de voorkeur aan droge sherry, al bestaan er ook prachtige blends als medium en cream sherry. 

William Shakespeare schreef eens ‘Als ik duizend zonen had, was het eerste menselijk beginsel dat ik hen zou bijbrengen om alle schrale dranken af te zweren en zich aan de sherry te wijden’. 

“No más sherry, por favor", sluit Tio Pedro zijn laatste Spaanse hapje af. Tapa betekent letterlijk deksel, vandaar.

“Gelukkig hebben we de foto’s nog”, verzucht Erna terecht.

Foto’s

3 Reacties

  1. Truus de Vriesdevries.truus01@gmail.com:
    17 januari 2018
    Prachtig. Ik krijg ook zin er een keer heen te gaan. Aan de wijn zal ik denken.
  2. Marijke:
    17 januari 2018
    Wel Don Pedro, ge hebt wederom een mooi portret 'geschilderd' van Andalusië en dier geneugten (aannemend dat Andalusië vrouwelijk is). Op naar het Marrakechse hapje, dat jullie waarschijnlijk verrassend nieuw zal smaken!
  3. Cor Kluijtmans:
    26 januari 2018
    Dankzij jouw verslag heb ik mijn (helaas afgebroken) Andalusië-reis met behoorlijke diepgang, waarvoor dank, herbeleefd. Het was mooi en jij bewijst dat het nog steeds mooi is.