Recensie ‘Stervensgelukkig’ (Anneliese Mackintosh)

2 augustus 2018 - Castricum, Nederland

Opnieuw nodigde Uitgeverij Atlas Contact mij als Echte Lezer uit om een recensie te schrijven. Dit keer over ‘Stervensgelukkig’, romandebuut van Anneliese Mackintosh, die in 2014 met de verhalenbundel ‘Het verhaal van iemand anders’ debuteerde.

De tekst op de achterkant van haar roman vat de inhoud kort samen: ‘Ottila McGregor is dertig en vindt dat het hoog tijd is om haar leven op de rails te krijgen. Ze stopt met drinken en vreemdgaan, en is vastbesloten eindelijk het geluk te vinden. Eitje, toch?’.

Om alle gebeurtenissen in haar leven een beetje bij te houden, stelt Ottila een plakboek samen, met e-mails, bonnetjes, kaartjes, brieven, uitgeschreven opnamen van haar therapie … Het resultaat is een epistolaire roman voor onze huidige tijd die even pijnlijk eerlijk als hilarisch is en die de vraag stelt: hoe word je stervensgelukkig?

Ik ben 72 jaar, heb als dertiger ook wat rondgedoold in het leven, en was dus benieuwd naar de ervaringen van Ottila. Eerst ging ik echter op zoek naar de betekenis van het begrip epistolaire roman of briefroman. Ik lees dat het de benaming is voor een roman die vrijwel geheel of uitsluitend bestaat uit gefingeerde correspondentie tussen verschillende figuren of uit brieven van slechts één persoon. 

Anneliese Mackintosh hanteert de eerste duiding. Vaak staat een voor- en/of nawoord vermeld, waarin de ‘uitgever’ verklaart dat brieven e.d. authentiek zijn. In ‘Stervensgelukkig’ ontbreekt zo’n verklaring, dus … betreft het hier fictie of non-fictie?

Ik moet eerlijk bekennen dat ik het boek van Anneliese Mackintosh met moeite en in etappes heb uitgelezen. De opeenvolging van epistels ging mij vervelen, levenswandel van het hoofdpersonage en bijkomende figuren eveneens. Of dat als lezer door mijn leeftijd komt, weet ik niet zeker, maar tijden van ‘sex, drugs en rock and roll’ liggen een flink aantal jaren achter mij.

Na ongeveer een kwart van het boek te hebben gelezen, laat ik de uiting op pagina 86 van Epictetus, Stoïcijnse filosoof uit de 1e eeuw na Christus, op mij inwerken. ‘Zelden gesmaakt genoegen geeft ons het grootste genot’. Ik denk diep na en vraag me af of dit op het epistolaire romandebuut ‘Stervensgelukkig’ van Anneliese Mackintosh slaat.

Op ongeveer eenderde van haar boek kom ik op pagina 111 een stelling van Anoniem tegen. ‘Geluk is de kunst om de herinnering los te laten aan het onaangename dat geweest is’. Met gemengde gevoelens worstel ik mij uiteindelijk door het plakboek in 5 delen van 384 bladzijden in totaal. De opeenstapeling van e-mails, snapchats, transcripts etc. kan mij, al heet dat kennelijk ‘epistolaire roman’, niet bekoren. Als senior lezer vermoed ik mij te oud om door vaak flauwe grappenmakerij in de lach te schieten.

Mij afvragend of ik deze roman echt als roman moet beschouwen, weet ik in ieder geval dat ik door het lezen ervan niet (stervens)gelukkig ben geworden.