Naar Litchfield NP, via Darwin naar Perth

11 november 2019 - Darwin, Australië

Wij komen op onze trip in Northern Territory veel verrassingen tegen. De kanotocht is een geweldige ervaring, al kost hij de nodige krachtsinspanning. Even imposant is de ontmoeting met ‘Termite Mounds’ en enkele ‘cascading waterfalls and plunge pools’. 

De plaats Katherine is trouwens in de 19-e eeuw vernoemd naar de dochter van een expeditie-sponsor van John McDouall Stuart, de ontdekkingsreiziger die zijn naam aan de lange highway gaf. De Katherine River stroomt door vele van elkaar gescheiden gorges, dwars door het plateau van Arnhem Land. In deze omgeving ontdekken wij watervallen en rock pools, die verspreid langs tientallen kilometers wandelpaden liggen.

Batchelor, toegangspoort naar Litchfield National Park, ligt honderd kilometer ten zuiden van Darwin. De streek rond Batchelor bloeide sinds 1949 door de ontdekking van uranium. Het stadje groeide als thuisbasis voor de arbeiders van de ‘Rum Jungle Uranium Mine’, eerste in zijn soort, van grote invloed op de economische ontwikkeling van Top End. De mijnactiviteiten worden uiteindelijk in de vroege jaren 1970 gestopt.

Een van de grote attracties in het park zijn de vele ‘Magnetic’ en ‘Cathedral’ Termite Mounds op de floodplains. Zij reiken tot ruim twee meter hoogte, met een orientatie op de noord-zuidlijn. Deze configuratie is gebaseerd op een ingebouwd temperatuur-controle-mechanisme, dat de aardbodem zo goed mogelijk tegen zonnehitte beschermt. Ingenieuze constructies, waar wij transpirerend, geïnspireerd en met bewondering naar kijken.

We komen bij Buley Rockhole terecht, een reeks kleinere watervallen en uitgeholde rotsen, vanwaar je als bushwalker de ‘Florence Creek Walk’ kan bewandelen om naar Florence Falls te komen. Deze spectaculaire dubbele waterval, midden in het moesson-regenwoud, bereiken wij met onze SUV op de parkeerplaats. We moeten 135 metalen traptreden door het regenwoud afdalen om aan de voet van de waterval te komen. Vlakbij is een platform gebouwd, dat magistraal uitzicht biedt. 

Beiden nemen we hier om de beurt een verfrissende duik, te midden van overmoedige jongeren die de rotsen beklimmen om van grote hoogte, dus veel spectaculairder in het verkoelende water neer te plonsen. Spetterende salto’s klinken ons links en rechts in de oren. Op een paar bordjes staat ‘Verboden te duiken. Er zijn doden gevallen!’.

Een kenner van het gebied rond de waterval spreekt ons bij vertrek aan.

“Hebben jullie de flying foxes gezien?”.

Net als vrijwel iedereen zijn wij voorbijgelopen aan het zijpad, waar de bomen uitpuilen van honderden flying foxes. Geen vleermuizen, al lijken zij er, omgekeerde hangend, sprekend op.

“Ik kan ze op afstand ruiken, specifieke geur”, verklaart de deskundige speurneus. Het aroma ruikt niet echt aangenaam, de ontdekking van de beesten is echter speciaal.

Wangi Falls vormen populaire watervallen, omdat zij vrij gemakkelijk bereikbaar zijn. De belendende campsite is van alle gemakken voorzien. Toiletten, douches en gaspitten om te koken, zelfs barbecues staan op vaste plekken opgesteld. Zwemmen is hier een genot in poelen die met overvloedig verkoelend water zijn gevuld. We lopen erlangs en zien vele aanbidders op hun handdoek liggen, uitrustend na een fris bad. 

Dan zag het er onderweg bij het Manton Reservoir anders uit. Een onvoorstelbaar grote plas, die op een vroege ochtend al door menig racebootbezitter wordt bezocht. Zo ook door een vader, die bij het aftakelen van de benzinelucht verspreidende boot door zijn zoontjes Cameron (7) en Linkin (5) wordt bijgestaan. Wij begroeten hen en beginnen een praatje. 

De jongste vraagt mij opeens: “What’s your age?”. 

Ik heb geen idee waarom hij dat wil weten. Vol verbazing kijkt hij naar zijn vader als ik mijn ware leeftijd noem.

“73”. 

“Se-ven-ty-three??? How much is that, dad?”.

Voor wij onze 4WD-huurauto op het vliegveld van Darwin inleveren, rest mij - Erna vertoont lichte tegenzin - nog één opdracht: een barre tocht door de outback naar Lost City. Je rijdt 4WD of je rijdt geen 4WD. Een simpel bordje langs de asfaltweg wijst de afslag aan, meer ook niet. ANWB-borden zijn verder overbodig, de slingerende weg door het bos blijkt zonder zijpaden. Het is er wel eentje die zitvlees vergt, want het rode gravelwegdek is als wasbord geconfigureerd. Soms vormen boomstronken een flinke hindernis. Schokkend rijd ik - in uitermate langzaam tempo - de tien, twaalf kilometer naar de verloren stad. Beetje mokkend gaat Erna (erin) mee. 

Of het de moeite waard was? Mwah … Ruïnerestanten van een kennelijk verloren dorp, we worden er warm noch koud van. Bomen, bomen en bomen om ons heen, bevolkt door krauwende kraaien, die een enigszins naargeestige sfeer in de volle warmte teweegbrengen. Stap je uit, trek je meteen aandacht van zoemende vliegen in het gezicht. 

We stappen weer snel in onze automobiel, want wij dragen niet zo’n hoed met kurken kralenslierten die vliegen buiten de deur houden. Het is lastig genoeg om, eenmaal in de autostoelen geploft, de binnengedrongen vliegen weer buitenboord te jagen. Ramen openen trekt meer insekten naar binnen dan naar buiten. Meppen dus. 

Onze voorgeprogrammeerde binnenlandse vliegreis met Qantas (Queensland And Northern Territory Airline System) van Darwin naar Perth vertrekt in de zondagmiddag. Ruim op tijd arriveren wij bij de luchthaven, waar we de gerieflijke Pajero tot onze spijt moeten afstaan. Tank bijna leeg. Ook tot onze spijt zagen we geen tankstation om aan onze verplichting te voldoen: auto met volle tank inleveren.

De Avis-mevrouw die onze sleutel in ontvangst neemt, geeft echter als advies toch te gaan tanken. 

“U moet anders op een flinke rekening via uw credit card rekenen!”.

Zij noemt een literprijs die tot het driedubbele oploopt. Reden genoeg om de autosleutel nog even te hanteren en naar een tankstation op zoek te gaan. Die missie slaagt en bespaart ons het bedrag voor een etentje buiten de deur. En Erna kan, terwijl ik zoekende ben, op haar gemak in het luchthavengebouw wifi-en. Ik weet dat zij graag de nodige foto’s naar het thuisfront doorstuurt, om haar moeder van onze avonturen op de hoogte te houden.

Bijna vier uur na vertrek uit Darwin arriveert ons vliegtuig op het vliegveld van Perth. Friend Frank staat ons op te wachten en brengt ons in sneltreinvaart met zijn blauwe bolide - Ford Falcon Turbo - naar zijn huis in Karrinyup, buitenwijk van Perth. Aldaar wacht de rest van de West-familie - echtgenote Jan en zoons Michael en Fraser - ons op. 

Ons staat nog een fantastisch tweede deel van onze down-under-trip te wachten. Daar zorgen de ‘Westies’ wel voor.

Foto’s

1 Reactie

  1. Marijke:
    11 november 2019
    Het eerste deel voltooid ( wat beschrijven betreft) en dus naar Perth met een hoofd, hart, lijf vol bijzondere, spectaculaire en ook toeristische belevingen: wat een continent, wat een variatie!

Jouw reactie